De Leeuw Blog

Kennis en ervaring staan bij ons hoog in het vaandel. Onze medewerkers zijn bovenmatig goed opgeleid en beschikken gezamenlijk over honderden jaren ervaring.

Dit blog is één van de manieren om u te laten delen in die kennis en ervaring. Ervaringen met huizen en verzekeringen vormen een geliefd onderwerp op verjaardagen. En soms is ons vak ingewikkelder dan het lijkt. Er bestaan nogal wat misverstanden over onderwerpen uit ons vak. Ook die misverstanden stellen we hier aan de orde.

Boze buurman

Op een zomerse morgen arriveerde ik bij mijn afspraak voor een verkoopadvies. Nadat ik kennis had gemaakt met de heer en de vrouw Van Diest, een opvallend stijlvol en klassiek gekleed echtpaar, liepen we samen de woning door. Het betrof een onberispelijke doorzonwoning met, in schril contrast tot de rest van het huis, een indrukwekkende hoeveelheid glasscherven in de tuin. Gevraagd naar de herkomst van het glas, drukte meneer Van Diest zijn wijsvinger op zijn lippen en wees me naar bin­nen.

Ik begreep de boodschap, knikte en volgde mijn opdrachtgever om in de woonkamer plaats te nemen. Terwijl mevrouw Van Diest de koffie verzorgde, liep de heer des huizes ijsberend rond. Pas nadat zijn echtgenote met de koffie de woonkamer binnen kwam, begon hij aan zijn verhaal, ondertussen onrustig aan de koperkleurige knopen van zijn blazer plukkend. Hij verzuchtte: "Het probleem is onze buurman. De man drinkt. Drinkt veel. Heel veel. Elk weekeinde is het weer raak. Harde mu­ziek, geschreeuw en ze gooien hun rotzooi over de heg heen in onze tuin". Ook de glasscherven bleken afkomstig te zijn van de buurman. Meneer Van Diest had in het weekeinde vriendelijk gevraagd of het met de muziek wat zachter kon. Een regenbui van bierflessen was het antwoord geweest.

Terwijl ik mijn koffie dronk en het verhaal aanhoorde, flitste er van alles door me heen: "mededelingsplicht, dwaling, hoe vertel ik het de kandidaat-kopers en.. hoe verkoop ik dit huis in vredesnaam". Nadat de eigenaars waren uitgesproken, probeerde ik hen de juridische gevolgen van de situatie uit te leggen. Want nu ik wist van de pro­blemen met de buurman, kon ik niet anders dan de situatie aan potentiële kopers uitleggen.

De stroom met kijkers voor deze woning kwam al vrij snel op gang. Binnen een week reed ik weer naar het adres om de woning voor de eerste keer te tonen aan belangstellenden. Ik parkeerde mijn  auto en ontdekte dat de geïnteresseerde al was gearriveerd. Een kleine, magere man, het hoofd tussen de schouders met een gezicht dat iets leek uit te drukken als "sorry dat ik besta". Pas aan het einde van de bezichtiging vertelde ik hem over 'de wat gespannen relatie met de buren'. Zijn reactie was stellig en nijdig: "Dat moet ik weer hebben, ik ben niet zo'n ruziemaker, weet u, ik woon voor mijn rust. U had me dat vooraf moeten vertellen, dat had me de tijd van deze bezichtiging bespaard, tot ziens". Op deze manier ging het enkele malen achter elkaar. Veel kijkers waren best enthousiast over de woning, maar niet over de gedachte om met regelmaat strijd te moeten leveren met een boze buur.

Bij de zevende bezichtiging leek er licht aan de horizon. Er arriveerde een enorme Hummer-achtige auto, waaruit een jong stel tevoorschijn sprong. Hij op gympen, in een vale spijkerbroek, een wit T‑shirt en een leren jack dat met moeite zijn brede schouders omsloot, zij in een opzichtig roze trainingspak. Zijn naam, Treffers, werd in onvervalst Haags uitgesproken als "Tgeffâgs". Zowel 'hij' als 'zij' waren enthousiast over het huis. En zijn reactie op de boze buurman was meer dan hoopgevend: "Kèk, meneâh duh makelaâhr. Ik hep wènig problemen met die gosâhr. Als hè me tuin wil verbouwe, dan verbouwt ik eegst hem evâh. En zonodig bel ik wat vriendâh van duh spôghtschoâl". De onderhandeling verliep vlotjes en de woning werd verkocht.

Twee maanden na de overdracht werd ik opnieuw gebeld om een woning in een nabij gelegen straat te verkopen. Ik kon het niet laten om bij de familie Treffers aan te bellen en om te vragen of het huis hen beviel. Het probleem met de boze buurman was opgelost. Hoe dat kon? Al tijdens de verbouwing was het misgegaan. De boze buurman stond gewapend met een kleine bijl achter de heg te schreeuwen dat de verf, die meneer Treffers aan­bracht, teveel stonk. Meneer Treffers had zijn kwast neergelegd, was de schuur ingelopen en had een motorzaag gepakt. Met het brullende apparaat in zijn handen had hij de buurman toegeroepen: "Zoek jè mot ventjâh? Dan kèn je ut kgègè hoâh". De buurman had alleen nog maar gemompeld: "zo had ik het niet bedoeld". En daarna blies hij zwijgend de aftocht. Voor overlast heeft hij daarna nooit meer gezorgd.

Gerelateerde berichten

De Leeuw maakt gebruik van cookies op haar website, onder meer om uw ervaring op onze website te verbeteren. Meer informatie hierover vindt u in onze privacyverklaring.
Door onze website te gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van deze cookies.